Er zijn een hoop dingen die wel goed gaan, Want of je nou blind of slechtziend bent, in een rolstoel zit, spastisch bent of wat dan ook, we leven allemaal samen in deze maatschappij. Vaak, naar mijn mening te vaak, wordt er langs elkaar heen geleefd, zeker als je niet zo bent als een ander. Het is niet mijn bedoeling om negatief over te komen in dit artikel, maar juist om aan te geven wat er beter kan en eigenlijk beter moet gaan.

ALGEMENE INDRUK
Wat betekent het voor iemand die goedziend is om in contact te komen met
iemand die blind of slechtziend is? Is er wederzijds begrip? Welke indruk laat
iemand die blind of slechtziend is op iemand achter die goedziend is? Wordt
iemand die blind of slechtziend is wel serieus genomen? Dit zijn allemaal vragen
die bij mij opkomen als je het het hebt over alleen de indruk die een blinde of
slechtziende kan opwekken bij mensen die geen oogproblemen hebben.
Door een onwetendheid bij goedzienden wordt vaak de bereidheid om met iemand in
contact te komen of samen te werken weggenomen, zodra duidelijk is, dat er een
visuele handicap aanwezig is. In sommige gevallen komt dit ook doordat uiterlijk
al duidelijk is, dat iemand een ooghandicap heeft. Bijvoorbeeld door het
uiterlijk van de ogen of het gezicht. Maar iemand die niets of weinig kan zijn,
kan niet altijd even goede kledingcombinaties maken (kleurencombinaties of vieze
plekken op kleding), waardoor er wel moeite is genomen om er verzorgd uit te
zien, maar door de handicap dit niet helemaal gelukt is. Terwijl het onderhouden
van contact of het aangaan van een samenwerking niet per se afhankelijk zou
moeten zijn van de handicap in kwestie. Want bijvoorbeeld persoonlijke gedrag
en/of intelligentie heeft normaal gesproken niets te maken met wat iemand wel of
niet kan zien.

DAGELIJKS LEVEN
In veel gevallen ontbreekt direct oogcontact. Maar ook andere non verbale
communicatieve signalen komen niet over. Alleen al door zulke kleine dingen, kan
het contact bemoeilijkt worden of onbegrip veroorzaken. Maar het kan zelfs zo
ver gaan dat iemand die blind of slechtziend is, niet serieus wordt genomen. Dit
zijn aandachtspunten die ook aan de blinde en slechtziende zijn toe te rekenen.
Maar aan de andere kant, staan de meeste mensen die geen oogproblemen hebben
niet stil bij wat het betekent een visuele handicap te hebben. Hierdoor ontstaat
bewust, maar ook onbewust onbegrip. Terwijl dat
helemaal niet nodig is. Dus het is een wisselwerking.
Op straat wordt er al snel met een brede boog om iemand heen gelopen die blind
of slechtziend is. Maar sommigen hebben nog wel de moed om iemand die blind of
slechtziend is aan te spreken om een helpende hand te reiken. Naar mijn gevoel
gebeurd dat nog wel veel te weinig.
Iemand die niet goed kan zien, heeft praktische "dingen" nodig. Overzichtelijk
en gekenmerkt zijn daarin grote begrippen. Contrasterende kleuren, ruimtelijke
opzet, spraakbegeleiding, tekstvergroting en zo zijn nog een aantal van die
kenmerken op te noemen. Als ziende sta je niet direct stil bij zulke
aanpassingen, maar voor een visueel gehandicapten kunnen ze van enorm groot
belang zijn.
Het muZIEum in Nijmegen
WISSELWERKING
Het is dus een wisselwerking, die wat mij betreft beter zou moeten werken.
Helaas zijn er maar al te veel blinden en slechtzienden die ik zelf ken, die
zich dusdanig opstellen, dat ze zich neerleggen bij het feit dat ze niets of
weinig kunnen zien, met als conclusie, dat ze niets kunnen. En zich vervolgens
opsluiten in het wereldje van blinden en slechtzienden. Heel beschermd, heel
veilig, iedereen kent elkaar, iedereen heeft begrip voor elkaar. Een wereldje
waarin ik zelf ook heb gezeten, maar waar ik doormiddel van eigen kracht ben
uitgeklommen. Omdat ik weet dat ik meer kan, dan ik tot dat moment gedaan had.
Anderzijds zouden goedzienden eens de moeite moeten nemen zich te laten
informeren, wat het betekent blind of slechtziend te zijn. Want iedereen kan
door een ongeluk, erfelijkheid, of door vele andere redenen van de ene op de
andere dag het zien deels of helemaal verliezen. Ik ken meerdere gevallen
waarbij dit gebeurd is. In het kort gezegd zijn de gevolgen voor zo iemand niet
te overzien. Een baan die per direct niet meer uitgeoefend kan worden, een
relatie die daardoor stuk loopt en ga zo nog een lijst vol.
Ook al heb ik zelf een handicap, weet ik niet wat het betekent een andere handicap te hebben, dus maak niet de fout om alle gehandicapten over één kam te scheren. Als je zelf niet ergens mee geconfronteerd wordt, ontstaat onbedoeld al de onwetendheid. Zo zag ik een tijdje geleden een portret op televisie van iemand die geen bovenarmen heeft. Als je zelf dat probleem niet hebt, weet je niet tegen welke obstakels zo iemand oploopt. Van zwemmen tot aankleden en van autorijden tot koken, voor bijna alles in het leven heb je je armen nodig. Ik vond het heel boeiend om te zien en ervan te leren, dat is ook wisselwerking.
Een goed initiatief is naar mijn mening dan ook de permanente tentoonstelling dialoog in het donker. Die in meerdere plaatsen wereldwijd te zien is. In Nijmegen staat het Muzieum, waar deze tentoonstelling opgebouwd is. Een tentoonstelling waar goedzienden letterlijk in aanraking komen met wat het betekent slechtziend of blind te zijn. Zelf heb ik enige tijd bij deze tentoonstelling gewerkt.
INTEGRATIE
Een deel van de wisselwerking is de integratie. Van elkaar leren, met elkaar
samenwerken. Of het nou prive is of op het werk. Integratie is belangrijk om
elkaar beter te begrijpen. Maar zowel vanuit de goedziende als vanuit de blinde
of slechtziende bestaat er vaak en barrière om de eerste stap te zetten. En de
hulp die in sommige gevallen aanwezig is, om beiden tot elkaar te brengen, is
ook niet altijd even best.
Ik heb deel uitgemaakt van de Nederlandse vereniging van blinden en
slechtzienden. Dat was een mooie tijd. Ook al is het enerzijds goed dat zo'n
vereniging er
is. Omdat er veel blinden en slechtzienden in een soort van
isolement zitten en zich dan goed thuis voelen binnen zo'n vereniging.
Anderzijds staat zo'n vereniging een integratie van blinden en slechtzienden in
de weg. Juist omdat het zo'n gesloten wereldje is. Sporadisch worden er vanuit
die vereniging wel activiteiten georganiseerd gecombineerd met goedzienden.
Ook op de werkvloer is er naar mijn mening te weinig integratie. Bedrijven
worden door de overheid gestimuleert om gehandicapten aan te nemen. Middels
premies en subsidies voor hulpmiddelen. Maar helaas gaat de bedrijfswinst te
vaak voor het belang van de werknemers. Beiden zijn belangrijk,
maatschappelijke. Dit is vaak het geval bij puur commerciële bedrijven. Bij
traditionele familiebedrijven liggen er voor gehandicapten vaak wel meer
mogelijkheden, omdat die socialer zijn ingesteld.
Tegenwoordig is het internet niet meer weg te denken uit onze maatschappij.
Echter voor veel blinden en slechtzienden is het internet nog wel een grote
onbekende. Vooral bij ouderen. Maar zeker onder de jongere mensen is een
aanzienlijk grote groep die zijn verstoken van (delen van het)internet,
simpelweg omdat veel websites niet toegankelijk zijn. Met toegankelijk bedoel ik
grafisch gezien. Er wordt vaak met foto's kleuren, tekstblokken e.d. gewerkt,
die niet waargenomen kunnen worden door iemand die niets ziet. Maar ook de
overzichtelijkheid van een site ontbreekt vaak, waardoor iemand die
slechtziend is, het wel kan (enigszins) kan zien, maar snel de weg kwijt raakt.
Inmiddels is er een organisatie die een soort van keurmerk verleend aan websites
die voor blinden en slechtzienden goed toegankelijk zijn.
In veel gevallen, prive op werk, of waar dan ook, als zich een feit voordoet
waar de visueel gehandicapte nadeel van ondervind, trekt deze veelal aan het
kortste eind, het maakt niet uit of daarvoor bewijzen zijn of niet. De wet van
bijvoorbeeld gelijke behandeling, werkt in veel gevallen niet. Procedures zijn
veel te lang en te omslachtig. En als je dan aanklopt bij de overheid, wordt je
in veel gevallen niet goed begrepen. Ook omdat die overheden vaak zelf geen
kennis in huis hebben, wat een visueel gehandicapte zelf ondervind.
Kunnen blinde mensen hoogtevrees hebben?
Ja, hoogtevrees bij blinden kan. Normaal gebruik je je zicht om te
focussen. Je weet precies hoe je je verhoudt tot de omgeving, waar je
voeten zich bevinden, hoe je de straat over moet steken, hoeveel passen
tot de overkant. Als iemand een goed oriëntatievermogen heeft en de
ruimte goed kan ervaren met behulp van zijn andere zintuigen, zoals
gehoor, dan kan het ervaren van een grote hoogte of diepte net zo goed
beangstigend zijn. Bij blinde mensen komt de cognitieve hoogtevrees
voor. Bij hoogtevrees gaat het om de angstgedachte, daarvoor hoef je de
afgrond niet daadwerkelijk te zien. Het ervaren van hoogte is genoeg
voor vrees en dat kun je ook zonder zicht. Echter is uit onderzoek wel
gebleken dat de visuele aanblik van een grote hoogte de vrees wel
versterkt.

ZELFBEELD
Hoe ziet iemand die blind of slechtziend is zichzelf, afgezien van het persoonlijke karakter. In deze kun je onderscheid maken in 2 groepen. De visueel gehandicapte die zich van niets of niemand iets aantrekt en zijn of haar gang gaat. Maar je hebt ook personen die hun handicap boven alles stellen en op deze wijze een dusdanige barrière voor zich opbouwen dat ze moeilijk tot niet meekunnen komen met de rest van hun omgeving. Mijn mening is dat of je nou een handicap hebt of niet, je moet de kansen grijpen die je krijgt in het leven. Maar al te veel mensen met een visusbeperking laten die kansen liggen. In veel gevallen wordt een handreiking gedaan, maar uit angst wordt deze niet aangenomen.
Maar je hebt ook de groep die zich van niets of niemand iets aantrekt en er gewoon voor gaat. Zo ken ik diverse mensen die blind of slechtziend zijn, universiteit hebben gestuurd en nu een succesvolle carrière hebben.. Maar binnen die groep zijn er ook een hoop die dit ook proberen maar keihard "onderuit" gaan. Omdat ze meer dachten te kunnen, dan in feite mogelijk was, vanwege de handicap. Ik heb liever om keihard onderuit te gaan, dan achter mijn handicap te verschuilen.
Of je nou tot de ene of tot de andere groep behoort, er zijn natuurlijk altijd grenzen. Ook al wil je nog zo veel, wil je erbij horen en niet langs de zijlijn staan. Toch kan iemand die blind of slechtziend is niet alles. Een mooi voorbeeld is de disco. Iemand die goedziend is zal dit zo snel herkennen, maar in een disco is veel geluid, is het druk, vele lichteffecten. Alles factoren die juist voor iemand met een visuele handicap funest zijn. Maar ja waar liggen de grenzen als zelfs blinden een cursus fotografie kunnen volgen.
(OPENBAAR) VERVOER
Een goed voorbeeld waarin het nog niet goed gaat, is het openbaar vervoer.
Sinds enige tijd is de OV Chipkaart ingevoerd in Nederland. Als begrip vind ik
de OV Chipkaart een uitkomst en heel handig. De overheid zegt bij een
voorbereiding van zo'n project met diverse belangenorganisaties te overleggen.
En wat komt er uiteindelijk uit. Een kaart, die door de blinden al helemaal niet
te gebruiken en veel slechtzienden zullen hier ook al last mee gaan krijgen.
Over eventuele oplossingen wordt niet of niet voldoende nagedacht.
Iemand die blind is en met een blindenstok onderweg is, maakt vaak gebruik van
geleidelijnen. Heel handig zou je zeggen. Dat zijn ze ook, maar tot op zekere
hoogte. Omdat degene die ze aanleggen niet nadenken over waar die lijnen voor
bedoelt zijn en waar ze naar toe moeten leiden. Al te vaak eindigen de lijnen
tegen een blinde muur, een struik met bloemen met doorns of te dicht tegen een
lantaarnpaal. Met alle gevolgen van dien.
Het openbaar vervoer wil ook met z'n tijd mee en wil daarom inhoudelijk en
uiterlijk goed voor de dag komen, bijvoorbeeld door het renoveren van
busstations. Een goed voorbeeld van een busstation waar iemand die niet goed
ziet, helemaal de war kan raken en mogelijk de weg kwijt kan raken is Nijmegen
Centraal Station. Goed bedoelt, maar 9 van de 10 keer buiten werking zijn die
praatpaaltjes waar de perrons en bustijden worden omgeroepen. Door geen vaste
plekken voor de bussen maakt heeft de visueel gehandicapte absoluut geen
overzicht. Zeker in de spitstijden is het door de drukte van reizigers en het
aantal bussen bijna onmogelijk om zonder één of meerdere bussen te missen de bus
te nemen.
De OV-Chipkaart is door mensen met een visuele beperking niet of heel moeilijk te gebruiken
Hoe onwetendheid zich uit bij mensen die geen handicap hebben, toont het
volgende voorbeeld aan. Het is geen uitzondering, want ik heb het al vaker
gehoord, maar als je blind of slechtziend bent, en op een vliegveld assistentie
aanvraagt wordt je in een rolstoel gezet om van a naar b gebracht te worden. Nee
iemand die het aan de ogen heeft, heeft het niet aan de benen, maar ja, als je
een handicap hebt, krijg je een stempel opgedrukt, zo van, die kan niets, dus
dan maar in een rolstoel.
De technologie van tegenwoordig wordt steeds verder verbeterd, verfijnt en
innovativer gemaakt. Maar vaak wordt daarbij niet nagedacht, uit het oogpunt van
iemand die niets kan zien. Een voorbeeld daarvan zijn de nieuwste auto's, de
zogenaamde hybride auto's. Die geruisloos rijden. Waardoor het voor iemand die
niets of weinig kan zien, moeilijk is, de auto waar te nemen, bij oversteken van
een zebrapad bijvoorbeeld. Ook al heb je als voetganger voorrang op een
zebrapad, niet altijd krijg je voorrang, het zal dan maar net een hybride auto
zijn.

KLEUREN
IN het dagelijks leven, op straat, in winkels, op het werk, op tv, reclameborden etc. worden vaak kleuren gebruikt die voor iemand die minder goed kan zien moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. Natuurlijk is het zo dat de mens van nature reageert op felle en afstekende kleuren. Daar wordt dan vaak op ingespeeld, maar voor iemand die visusproblemen heeft, is dat niet altijd even prettig. Als je kleurenblind bent is dat natuurlijk al helemaal moeilijk. Iemand die minder goed kan zien heeft duidelijke kleuren nodig, zoals zwarte letters op geel of wit. Vooral de achtergrond wit is normaal gesproken voor iemand met een visusbeperking neutraal en dus goed te zien.
MISVERSTANDEN
De wereld van vandaag de dag is dusdanig, dat niet vaak wordt nagedacht over
het feit dat iemand die blind of slechtziend is iets "niet" kan. Bijvoorbeeld
via Media waar veel non verbale informatie wordt gegeven. Waar het deels deels
mondeling wordt toegelicht, waardoor de interesse van iemand met een visuele
handicap mogelijk wel wordt getrokken, maar meer dan een gebrekkig "beeld" wordt
verkregen en daardoor degene met vraagtekens achterlaat. Een concreet voorbeeld
is het weerbericht, "hier valt wat regen, daar schijnt de zon. Degene met
verminderd zicht mist de handgebaren van de weerman of vrouw.

Een concreet voorbeeld van iets wat voor goedzienden de normaalste zaak van de
wereld is, maar voor "ons" niet is het autorijbewijs. Ook al is bij iemand die
goedziend is bekend dat de ander een visuele handicap heeft, wordt toch nog
gevraagd, of degene een rijbewijs heeft. Ik vind dat zelf misplaatste
opmerkingen.
Een ander voorbeeld is, dat een aanplakbiljet op een schuifdeur wordt geplaatst.
Iemand die blind is heeft daar sowieso zelf niets aan. Maar als je slechtziend
bent, moet je zo'n aanplakbiljet van dichtbij lezen. Maar ja, een schuifdeur
schuift, dus zodra je dichtbij bent, is de deur weg.
Zelf heb ik dit ook al meerdere malen met mijn ouders meegemaakt, maar je komt
in een restaurant, het is duidelijk dat er personen bij zijn, waarvan uiterlijk
te zien is dat ze weinig tot niets kunnen zien, toch wordt de menukaart ook aan
hen uitgereikt. Ja ik begrijp wel dat dit een automatisme van de ober is. Toch
vind ik dat er meer rekening mee gehouden zou moeten worden. Gelukkig is de
braille menukaart in steeds meer restaurants te verkrijgen, al zijn de gerechten
en de bijbehorende prijzen niet altijd even actueel.
Ogen reageren op iets dat opvallend is, daar speelt de commercie dan handig op
in. Bijvoorbeeld een winkelier die zijn grote reclameborden midden op de stoep
zet. Een stoep die dusdanig is neergelegd dat net 2 mensen elkaar kunnen
passeren, geen probleem zou je zeggen. Maar wel als er dan zo'n groot bord op
staat, waar je nauwelijks langs kunt. Laat staan als je een slecht zicht hebt.
De meeste gemeentes spreken deze winkeliers daar wel op aan, want een trottoir
moet vrij begaanbaar zijn, maar ja zo'n reclame is belangrijk dus blijft deze
meestal staan. Iemand met een ooghandicap kan er
met veel moeite nog wel omheen, laat staan iemand in een rolstoel.

(NIEUWE) HULPMIDDELEN
Technologisch verandert er ook het een en ander. Zo bestaat er sinds enige
tijd een apparaat, waarmee blinden en slechtzienden via audio het internet
kunnen bestormen en met datzelfde apparaat wordt voor de visueel gehandicapte de
ondertiteling van TV voorgelezen. Dit apparaat heet de OrionWebBox.
Net als automobilisten het navigatiesysteem gebruiken, kan een blinde dat
tegenwoordig ook. Een navigatiesysteem, ingebouwd in een soort mobiel, waardoor
de blinde precies weet waar die loopt, waar de obstakels zijn en dergelijke. Een
nadeel van het systeem is nog wel dat plotselinge obstakels niet opgemerkt
worden door het systeem, zoals een staand uithangbord van een winkel.
Steeds meer websites op het internet, in binnen en buitenland worden van
software voorzien, waardoor kleurcontrasten en lettergroottes worden aangepast.
En steeds meer websites hebben een functie dat de site kan worden voorgelezen.
Op het moment betreft dit voornamelijk websites van overheden en semioverheden.
Langzaam maar zeker is dit een goede ontwikkeling. Visie
Dit zijn enkele voorbeelden waar je je als goedziende iets van kan voorstellen of die je zelf tegenkomt in het dagelijks leven, door het contact met iemand met een ooghandicap. Natuurlijk zijn er nog veel meer van dergelijke hulpmiddelen.

MIJN VISIE
Mijn visie op dit geheel is dat het mes aan 2 kanten moet snijden. Visueel
gehandicapten zouden meer initiatieven moeten tonen om meer deel te nemen aan
het normale maatschappelijke leven. Want als je je daar eenmaal in mengt krijg
je ook begrip voor je situatie. Want hoe kan iemand die goedziend is nou meer te
weten komen over wat het nou betekent een handicap te hebben, dan met zo iemand
om te gaan. Anderzijds zou er meer aandacht moeten zijn vanuit bijvoorbeeld de
media voor wat het betekent (visueel) gehandicapt te zijn. Ook omdat iedereen
hoe gezond ook, van de ene op de andere dag ineens niets meer kan zien. Daar
wordt nooit of maar heel zelden bij stil gestaan.
De integratie moet wat mij betreft beginnen in het sociale leven, verenigingen,
clubs, uitgaansleven, evenementen e.d. In het bedrijfsleven wordt ook mede door
regelingen en wetten al steeds meer gedaan. Een bedrijf kan bijvoorbeeld
premiekortingen krijgen als een bepaald percentage gehandicapt is. Het zou mooi
zijn als zoiets ook doorgevoerd zou kunnen worden naar verenigingen, clubs e.d.
Juist op dergelijke plekken kan een grote mate van integratie plaatsvinden. Als
je aan een goedziend iemand vraagt, of hij of zij persoonlijk een buitenlander
in Nederland kent en zelfs regelmatig contact daarmee heeft, is het antwoord
bijna altijd "ja". Maar als je dezelfde vraag stelt, maar dan niet buitenlander
maar (visueel) gehandicapt, dan is antwoord maar vaak "nee". Terwijl het in
beide gevallen om integratie gaat.
Afrondend vind ik dat het dus wel steeds stapje voor stapje beter gaat, maar nog
lang niet voldoende.
Geschreven door: Kamran Lips